HaïtiHaïtiHaïtiHaïtiHaïtiHaïti

DessalinesNu de onafhankelijkheidsstrijd gestreden is, moet het land weer opgebouwd worden. Ook moet het zijn plek binnen de internationale gemeenschap zien te vinden. Het een nog het ander gaat vanzelf. Intern breekt er een machtstrijd uit die het land tot aan 1820 letterlijk in tweeën splitst. Internationaal gezien wordt Haïti geïsoleerd. Pas als Haïti toezegt Frankrijk schadeloos te stellen voor de geleden schade tijdens de slavenopstand volgt 1n 1825 erkenning.

Dessalines regeert de nieuwe natie met harde hand. Allereerst laat hij uit haat alle nog in Haïti aanwezige Fransen vermoorden. Hiermee raakt hij een groep mensen kwijt die nog een waardevolle bijdrage aan de wederopbouw van het land hadden kunnen leveren. Als zwarte generaal bevoorrecht hij de zwarte elite en hij onteigent de grond van een grote groep mulatten. Ondertussen tieren corruptie en machtsmisbruik welig. Belangrijke legerleiders als Christophe, Pétion en Geffrard jaagt hij tegen zich in het harnas. Als de gelegenheid zich voor doet, grijpen deze generaals hun kans en brengen zij Dessalines op 17 oktober 1806 om het leven.

Een koninkrijk en een republiek
Na de dood van Dessalines valt het land uiteen in twee delen. De zwarte generaal Christophe en de mulatten legerleider Pétion zien zich beiden als de meest geëigende persoon om de nieuwe natie te leiden. Christophe vestigt zich in het noordelijke deel van Haïti een koninkrijk en Pétion een republiek in het zuiden. In het zuidelijke deel heeft de slaaf Goman daarnaast nog jarenlang leiding gegeven aan een zelfstandige gemeenschap van marrons (gevluchte slaven).

CitadelDe citadel
Koning Christophe, oftewel Henry 1, is bang dat vroeg of laat de Fransen weer proberen Haïti binnen te vallen. Om zich te kunnen verdedigen laat hij op een hoge bergpunt een gigantisch fort bouwen: citadel La Ferrière. Dit fort domineert de hele omgeving. Er wordt gezegd dat meer dan 200.000 mensen aan dit fort gebouwd hebben, van wie er 20.000 verongelukt zijn tijdens de bouw. De Fransen komen echter niet terug en Christophe wordt niet verjaagd door zijn voormalige vijanden, maar door zijn eigen onderdanen. Met harde hand probeert hij de rust en orde in zijn gebied te herstellen en de economie op te bouwen. Een opstand in 1820 maakt een eind aan zijn plannen. Als gevolg van een hersenbloeding raakt hij eenzijdig verlamd; vervolgens pleegt hij zelfmoord.

Pétion, de eerste president van Haïti
Petions opvolger Boyer maakt handig gebruik van de nieuwe situatie en hij lijft het noorden in. Haïti is weer verenigd. De levensomstandigheden in het noorden van Haïti zijn ondertussen aanzienlijk beter dan in het zuiden. Christophe had begrepen dat – wilde het land weer hersteld worden en iets van zijn vroegere glans terug krijgen – er orde en gezag moest zijn. Mensen werden ook weer gedwongen op de plantages aan het werk te gaan. Er moest geld verdiend worden. Ook zorgde hij voor de verbreiding van onderwijs. In het zuiden gaat het er allemaal wat gemakkelijker aan toe. Een kleine groep mulatten houdt de touwtjes in stevig in handen en geniet de vruchten hiervan. De rest van de bevolking wordt min of meer aan haar lot overgelaten. Pétion heeft het land in kleine stukjes grond verdeeld en schenkt deze aan zijn soldaten. Zij verbouwen hun land vooral voor eigen gebruik. De grote plantages, waarop veel verbouwd kon worden, verdwijnen en daarmee ook de belangrijkste inkomstenbron voor het land. Economisch gezien is dit een ramp voor het land. De kansen op economisch herstel zijn verkeken.

Boyer en de schadeloosstelling
In 1817 overlijdt Pétion. Boyer volgt hem op. Boyer is er veel aangelegen om uit het internationale isolement te komen. Geen enkel land erkent Haïti tot dan toe als zelfstandige natie. Door dat isolement heeft het geen toegang tot buitenlands kapitaal en dat heeft ze hard nodig om de economie weer draaiende te krijgen. Onder grote druk accepteert Boyer in 1825 een Frans voorstel. Frankrijk wil Haïti erkennen op voorwaarde dat zij schadeloos wordt gesteld voor het verlies van haar kolonie. Het accepteren van de voorwaarden leidt tot veel onrust in Haiti. Ondanks het herstel van de handel met Frankrijk gaat het economisch niet beter. De schuld legt een zware last op het land. In 1838 wordt het schuldbedrag verminderd. Boyer probeert het plantagesysteem weer nieuw leven in te blazen, op die manier zou er weer voor de export geproduceerd kunnen worden. Hij probeert de verbrokkeling van de grond, zoals Petion die had ingezet, tegen te gaan en weer terug te draaien. Zonder veel succes. Een opstand in 1843 maakt een einde aan zijn regime.

Lees meer over de schadeloosstelling

Proefschrift van Julia Gaffield, The Haitian State and the Atlantic World