HaïtiHaïtiHaïtiHaïtiHaïtiHaïti

Schilderij DuvalierHaïti is een parlementaire democratie en kent een gekozen president en volksvertegenwoordiging. Michel Martelly is president sinds 14 mei 2011. Laurent Lamotrhe is zijn eerste minister. In een tijd waarin politieke eensgezindheid en samenwerking meer dan ooit hard nodig zijn, is het huidige politieke bedrijf op Haïti nog steeds het traditionele allles of niets spel. 

 

Voor actueel nieuws: lees informatie op Sak Pasé?

Schets politieke situatie sinds 2010
Op 28 november 2010 - tien maanden na de aardbeving - vonden op Haïti verkiezingen plaats. Het betrof verkiezingen voor de volledige Tweede Kamer ( 99 zetels in de Chambre des Députés – de Kamer van Afgevaardigden) en voor een derde deel van de Eerste Kamer (11 zetels in de Senaat). De beide Kamers vormen samen het Parlement, de Assemblée Nationale van Haïti. De meeste aandacht ging tijdens de verkiezingen echter uit naar de slag om de presidentiële zetel. Wie zou de opvolger worden van René Préval? Michel Martelly, bekend als kompaszanger Sweet Micky, won de strijd. Op 14 mei 2011 werd hij president van Haïti. Lees de politieke kroniek over de verkiezingen van 2011

In het Parlement kreeg Martelly's partij - de Repons Peyizan – slechts drie zetels in het huis van Afgevaardigden en geen enkele zetel in de Senaat. In deze beide instituten vormden de vertegenwoordigers van de Inité (Eenheids) partij - voorheen de Espwa (Hoop) partij van Réné Préval, en nu geleid door Prévals schoonzoon Jude Célestin, de grootste fractie. De grote afwezige tijdens de verkiezingen was de Fanmi Lavalas partij van voormalig president Aristide. Zij was uitgesloten van deelname. Volgens velen zou Fanmi Lavalas de verkiezingen moeiteloos hebben gewonnen.
Huidige samenstelling van de Kamer van Afgevaardigden (49e legislatuur – sinds 2011)

Met weinig 'eigen mensen' in het Parlement zou Martelly samen met de regering het land moeten leiden in de fase van de wederopbouw na de aardbeving. Van zowel regering als parlement zou dit vragen om een constructieve samenwerking met veel dialoog en zoeken naar consensus. De totstandkoming van een regering verliep moeizaam. Uiteindelijk werd Gary Conille op 18 oktober 2011 benoemd als eerste minister. Vier maanden later trad hij al weer af. In mei 2012 werd Laurent Lamothe minister president. Inmiddels hebben er al verschillende ministerswisselingen plaatsgevonden in zijn kabinet.

Het kernprogramma van Martelly / Lamothe bestaat uit de 5 E's: inzet op Education (onderwijs), Environnement (bescherming van het milieu en verbetering van de infrastructuur), Emplois (werkgelegenheid), Energie (stroomvoorziening) en Etat de Droit (bevorderen van de rechtsstaat).

Van een constructieve samenwerking en consensus tussen regering en parlement is weinig sprake geweest. De verhouding is gespannen en het onderlinge wantrouwen groot. Kort na het aantreden van Martelly is er veel discussie geweest over een mogelijke dubbele nationaliteit van de president en de arrestatie van een parlementslid. Belangrijke dossiers heeft de regering niet kunnen afronden. Zo zijn er geen verkiezingen georganiseerd voor een deel (1/3) van de Senaat en voor gemeenteraden. Vervolgens heeft de regering zelf mensen benoemd op bepaalde vacante plekken. In januari 2014 verloopt de termijn van nog een derde deel van de Senaat. Eind november 2013 is de nieuwe Kieswet in de Tweede Kamer aangenomen. Dit maakt de weg vrij voor verkiezingen begin 2014. Sinds september 2012 heeft Martelly wel de steun van de meerderheid van de Tweede Kamer. Zestig parlementsleden vormden toen het blok Parlementaires pour la Stabilité en le Progrès (PSP) dat steun toegezegde aan president Martelly.

De noodzakelijke eenheid is ver te zoeken. De International Crisis Group citeert in het rapport Governing Haïti: Time for National Consenus (februari 2013) een zakenman die goed aangeeft waar het telkens weer op vast loopt in het Haïtiaanse politieke bedrijf: "In a complex winner-takes-all political environment , such as Haïti's, parliament uses blockages to force the hand of the executive, the executive makes demands rather than works with the parliament. Rather than focus on the big picture, each individual focuses on where he/she stands in the picture." (p.3). De politieke onenigheid belemmert daadkrachtig optreden en frustreert buitenlandse donoren, zoals het rapport van de International Crisis Group ook vaststelt: "After several failed efforts to reach domestic agreement on basic issues, even strong donor supporters are becoming frustrated by the lack of leadership, governance and accountability."

De International Crisis Group concludeert: "Delays in parlementary approval of his prime minister, changes within the government, weak administration, and the magnitude of the task explain in part Martelly's slow start, The rest can be traced to the absence of constructive dialogue with political, social and economic actors."(p. 11)

Politiek bedrijf op Haïti

Politiek op Haïti is een 'zero-sum game' stelt Robert Fatton in zijn boek Haiti's predatory republic (2002). Er is geen ruimte voor het streven naar consensus, en werkelijke dialoog ontbreekt. Het is een alles of niets spel. Wie aan de macht is, probeert er zoveel als mogelijk profijt van te trekken ten behoeve van de eigen achterban. Dit zet kwaad bloed bij de oppositie, die, als de rollen eenmaal zijn omgedraaid, in hetzelfde patroon vervalt. Het bovengenoemde rapport van de International Crisis Group constateert dat: "Zero-sum politics is not the answer to the country's fragile security and stability. Rather consensus is required on priorities and the strategy for achieving them." Overigens noemt het rapport het gebrek aan bereidheid om echt te veranderen, het onderlinge wantrouwen en bemoeienis van buitenaf als belangrijke redenen waarom echte verandering op Haïti uitblijft.

Sterke en goed georganiseerde politieke partijen met heldere partijprogramma's ontbreken. Hierdoor krijgen charismatische leiders de kans de politiek naar hun hand te zetten. Zij richten zich op het beschermen van hun machtspositie en het behartigen van de belangen van een aantal sleutelfiguren. The International Crisis Group concludeert dat: "The result is a political culture that excludes options of exploring, incorporating, generating, mediating, planning and finding common ground, preferring instead solutions that involve eliminating,a voiding, preventing, blocking and destroying all forces that are perceived to be adversial." (p. 6)

Grondwet
De huidige Grondwet van Haïti dateert uit 1987. Zij is opgesteld kort na de val van het Duvalier regime. Kenmerkend voor deze grondwet is het artikel dat bepaalt dat een president na een termijn van vijf jaar moet aftreden. Dit om te voorkomen dat een president zich uitroept tot president-voor-het-leven, zoals de Duvaliers hadden gedaan.
In deze grondwet wordt ook gesproken over het oprichten van een Permanente Verkiezingsraad. Dit onderwerpt staat tot op de dag van vandaag op de agenda en veroorzaakt veel politieke onenigheid.
In juni 2012 zijn in de staatskrant Le Moniteur wijzigingen op de Grondwet van 1987 gepubliceerd. Bij de wijze waarop deze wijzigingen tot stand zijn gekomen worden veel juridische vraagtekens gezet.

Lees meer over de vele Grondwetten van Haïti.

Staatshoofden
Sinds de onafhankelijkheid 1804 heeft Haïti 46 staatshoofden gehad, waaronder een koning, twee keizers en zeven presidenten voor het leven. Iets meer dan de helft van hen moest vroegtijdig vertrekken vanwege een staatsgreep. Slechts acht hebben hun wettelijke termijn kunnen vervullen. Bekijk het overzicht van Haïtiaanse staatshoofden sinds 1804.

Parlement van Haïti
De wetgevende macht wordt gevormd door de Senaat (Sénat) en de Kamer van Afgevaardigden (Chambre des Députés). In de Senaat zijn dertig zetels, drie zetels voor elk van de tien departementen. De Senatoren worden direct door de Haïtianen gekozen voor een periode van zes jaar. Om de twee jaar wisselt een derde van de leden. De Kamer van Afgevaardigden telt 99 leden die direct door de bevolking gekozen worden voor een periode van vier jaar.

Departementen op Haïti
Administratief is Haïti opgedeeld in tien departementen, 41 arrondissementen en 133 gemeenten (communes), die worden onderverdeeld in 'sections communales'. Tot 2003 waren er negen departementen. In dat jaar is het departement Grand'Anse gesplitst in tweeën en is Nippes het tiende departement geworden.
Voor die tijd werd er al wel gesproken over het tiende departement. Men bedoelde daarmee alle Haïtianen die in het buitenland wonen, de 'moun dizyèm depatman' of 'moun dyas', de mensen uit het tiende departement of de mensen uit de diaspora.

Failed state
Volgens de Failed States Index van het blad Foreign Policy en het Fund for Peace staat Haïti in de top 10 van de lijst van zogenaamde failed states (mislukte staten). Ze neemt op dze lijst de 8e plaats in tussen Afghanistan (7) en de Centraal Afrikaanse Republiek (9). De plaats die een land op deze lijst inneemt, wordt vastgesteld op basis van 12 sociale, economische en politieke indicatoren, zoals demografische druk, vluchtelingen en ontheemden, afname publieke diensten, criminalisering van de staat, het ontstaan van groepen die optreden als 'staat binnen een staat', ongelijke economische verdeling van welvaart. Wat is eigenlijk een failed state? Failed state is een omstreden begrip dat duidt op een staat waarin de centrale overheid niet in staat is haar burgers veiligheid te bieden en te voorzien van basisvoorzieningen. De overheid heeft geen daadwerkelijk controle over haar eigen grondgebied.

De presentatie van de Failed States Index brengt altijd een boel tongen in beweging. Kun je eigenlijk wel spreken over mislukte staten. Het blad MO Mondiaal Nieuws zet de kritiek op de Index overzichtelijk op een rij in het artikel: Vijf redenen om de Failed States Index niet te vertrouwen. Als het gaat om Haïti is de blog Wie heeft van Haïti een 'mislukte staat' gemaakt? de moeite van het lezen waard.

Corruptie Index
Een andere lijst waarop Haïti het niet best doet, is de Corruptie Index. Transparency International publiceert jaarlijks de Corruption Perception Index die aangeeft in welke mate landen als corrupt worden ervaren. Op deze lijst van 179 landen staat Haïti op de 165e plaats. In zijn boek The big Truck that went by (2013) plaatst Jonathan Katz – voormalige correspondent van de Associated Press op Haïti – kanttekeningen bij deze Index. Zijn voornaamste punt van kritiek is dat de Index niet is samengesteld op basis van wetenschappelijk onderzoek, maar op basis van perceptie. Ook worden in het onderzoek diverse vormen van corruptie – van kleine omkoperij tot grootschalige verduistering - op een hoop worden gegooid. Katz merkt op dat juist deze perceptie van corruptie er voor heeft gezorgd dat – ook na de aardbeving – de overheid weinig geld heeft ontvangen van de internationale donoren (naar schatting slechts 1% van het totaal - zie afbeelding onder). Zij kanaliseerden hun steun via onder andere niet-gouvernementele organisaties (ngo's). Katz schrijft: "The irony was that, by keeping the money under their own control, the donors reinforced the perception of systematic Haitian corruption." (p. 131)

Besteding hulpgeld Haiti

Een hoopvolle ontwikkeling is de anti corruptiewet die in maart 2014 is aangenomen.

NGO-republiek
Haïti wordt regelmatig een NGO-republiek genoemd. Volgens sommige schattingen zijn er meer dan 10.000 niet gouvernementele organisaties actief op Haïti. Deze (vooral buitenlandse) organisaties nemen publieke taken van een (tekortschietende) overheid over. Voor de aardbeving verzorgden NGO's 70% van de gezondheidszorg en zo'n 85% van het onderwijs. Veel hulpgelden zijn na de aardbeving ook via deze organisaties besteed. 

Ondanks het vele goede werk dat veel ngo's verrichten, hebben zij een belangrijk aandeel gehad in de verzwakking van de centrale overheid. Samenwerking tussen ngio's is beperkt waardoor een gecoördineerde acties ten behoeve van de ontwikkeling van het land schaars zijn. Er is ook sprake van een 'brain drain' van hoogopgeleide mensen van de publieke sector naar de NGO-sector.

Het United States Institute of Peace heeft in 2010 de briefing Haiti: a republic of NGO's? gepubliceerd. Hierin doet zij de aanbeveling dat ngo's onder beter toezicht moeten komen te staan van de overhead, dat buitenlandse ngo's meer moeten samenwerken met Haïtiaanse organisaties, en dat zij hun activiteiten beter moeten afstemmen op beleidsprioriteiten van de overheid. Antropoloog Timothy Schwartz heeft een kritische kijk op het fenomeen NGO's op Haïti.

Csohaiti.org geeft het meest volledige overzicht van civil society organisaties  (maatschappelijk middenveld organisaties) die actief zijn op Haïti.

Links
> Lijst van eerste ministers sinds 1988
> Website van de president
> Website van de regering (uitvoerende macht)
> Website van het parlement (wetgevende macht)
> Website van het ministerie van Justitie en Veiligheid (rechterlijke macht)
> Overzicht politieke partijen